Terrorisme en mensenrechten - EDM-2013

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Terrorisme en mensenrechten

Maatschappij

Wat zijn mensenrechten en wie bepaalt die?  Meestal wordt er van uit gegaan, dat het een vanzelfsprekende zaak betreft, alsof zij van den beginne in de natuur aanwezig waren.. Maar het begrip is van vrij recente datum.     Hoewel dat zelden uitdrukkelijk wordt gezegd, gaat het er bij dit begrip om, de individu te beschermen tegen de overheid. Een eerste uiting was het habeas corpus principe, dat teruggaat op de Magna Charta uit 1215. Het houdt in, dat niemand zonder beschuldiging en gerechtelijk bevel gevangen kan worden gehouden. Dit vormt een van de belangrijkste grondslagen van de rechtsstaat.

     Het oudste document waarin het woord mensenrecht wordt gebruikt, is de Amerikaanse Declaration of independence (1776). Daarin wordt gesproken van door de Schepper verleende rechten. Maar noch in de Bijbel, noch in de Kur'an of de daarvan afgeleide theologie wordt ooit van mensenrechten gesproken.  De Franse 'Déclaration des droits de l'homme et du citoyen' is interessant vanwege het woord 'burger'.  Even als de Amerikanen vonden zij blijkbaar, dat sommigen (negers) daar buiten vielen.  In het handvest van de Verenigde Naties staat een universele verklaring, wat suggereert   dat mensenrechten ook universeel  zijn. Logisch, maar in de praktijk blijkt, dat sommige mensen 'more equal than others' zijn.    
     De laatste jaren kwam het onderwerp in en stroomversnelling. Werd in de Amerikaanse verklaring al gesproken van 'right  to the persuit of happiness', wat een sympathiek maar absurd ideaal is, de laatste jaren  kwamen er 'recht' op: gezondheid, zelfbeschikking, privacy, onbedorven milieu, sociale voorzieningen, zorg, kleding, huisvesting, onderwijs, inspraak, afwezigheid van angst.  Er is een wedloop van goedwillenden om ook een duit in het zakje te doen. Aparte rechten werden vastgesteld voor zwakkeren in de samenleving, voor 'de vrouw' en 'het kind'.
    Hoe nobel dit alles ook is, zulk een verruiming van het begrip mensenrechten doet afbreuk aan de kracht er van. Het staat  in schrille tegenspraak met wat wij om ons heen zien gebeuren.    Ik pleit  daarom voor terughoudendheid bij de discussies over deze materie.    Sommigen twijfelen zelfs aan het nut: ‘Zijn wetten  niet betere instrumenten om de beoogde doelen te bereiken?  Is de aankondiging dat ieder recht heeft op leven een betere maatregel is om moorden te voorkomen dan de Tien Geboden of adequaat optreden van politie en justitie?
 Hier stuiten we echter op een principieel punt. In alle discussies  wordt over mensenrechten gesproken alsof het een moreel kader is, gericht op het individu.  Maar ik wil het houden aan wat zij oorspronkelijk bedoelden, bescherming tegen de overheden. Alleen een overheid kan mensenrechten schenden. Een moord, ook als die door een terrorist wordt gepleegd, is geen schending van recht, maar gewoon misdaad.   We kunnen dus beter van overheidsplichten spreken, dan van vage idealen, die geen instantie bevoegd is om af te dwingen.
.  We moeten ons ook afvragen, of mensenrechten alleen op het individu betrekking hebben, of dat ook volken en collectieven daarvan mogen profiteren. Individuen kunnen op menselijkheid worden aangesproken.  Maar voor collectiviteiten  geldt dat minder, kijk maar naar ons asielbeleid.  Collectieve rechten worden zelfs vaak gebruikt om aan individuele rechten afbreuk te doen.  Dat compliceert de problematiek aanzienlijk, maar we zullen het er toch mee verder moeten.
    Rechten worden door een instantie verleend.    Een nadeel van dit concept is, dat iemand die  geen burger of onderdaan ergens van is, buiten de boot valt.  Statelozen hebben minder rechten, en als je geen papieren hebt besta je voor bepaalde instanties eenvoudig niet.  
   Een van de belangrijkste schendingen van mensenrechten is marteling.                    Gezien de tegenstelling tussen de wereldwijde toepassing van marteling, en de even algemene, hardnekkige ontkenning ervan door bevoegde instanties, was het verschijnen van het boek 'Services Speciaux, Algerie 1955-1957' een belangwekkende gebeurtenis.  De schrijver, Paul Aussaresses (1919) kwam bij de geheime dienst ('services speciaux'). Daar leerde hij 'acties die niet stroken met de gewone moraal'.    Zij had de  opdracht om 'heimelijk in het buitenland in te grijpen bij alles wat het belang van de Franse republiek kon schaden, zo nodig met gebruik van geweld tegen goederen en personen'.  
    Hij schrijft zonder gene dat hij zelf enkele malen een terrorist doodmartelde en verdedigt de stelling dat politie en justitie onmachtig zijn tegen massale terreur  en dat marteling en verdwijningen de enige effectieve bestrijding zijn. 'Ik deed het niet met plezier, maar  het is toch beter een schuldige te laten lijden dan dat tientallen onschuldigen omkomen?’  Een klassiek argument!     Van groot belang is zijn herhaalde verzekering, dat de gevoerde acties de stilzwijgende instemming hadden van de hoogste autoriteiten.   ‘Ook de socialistische regering van  Mitterand wist precies wat wij aan het doen waren', schrijft hij.   Zijn boek wekte algemene verontwaardiging en alle onderscheidingen werden hem ontnomen.                                 Dat was in het jaar 2000. Sindsdien heeft het ‘gesundes Volksempfinden zich wereldwijd verder ontwikkeld en zijn meerderheden van mening, dat martelen wel slecht is, maar dat het tegen heel erg slechte mensen wel mag.
   Terstond na ‘9-11’ , werd door de regering Bush de Patriot Act ingevoerd. Die wet schaft  het ‘habeas corpus’ principe af en maar maakt inbreuk op de grondbeginselen van de rechtsstaat.   De voorschriften van Rumsfeld, waarin   alles werd toegestaan ‘zolang het geen blijvende verminking of dood’ tot gevolg heeft, is een trieste Helaas wordt de door mijlpaal in de geschiedenis van de mensenrechten schendingen. Er is een ding, dat ik van mijn Turkse collega’s geleerd heb: Er is geen limiet,  een beetje martelen bestaat niet.
 Michael Ignatieff, een zelfbenoemde ‘specialist’ op het gebied van mensenrechten en gezocht spreker, begon een voordracht met de stelling, dat martelen onder geen enkele omstandigheid mag, zelfs niet (je voelt al de aarzeling) in de strijd tegen terreur. Want niet alleen het slachtoffer, maar ook de maatschappij die dat toestaat wordt er door ontmenselijkt. Maar wat zegt hij vervolgens? 'Mensenrechten?   Die gelden niet voor vijanden van de rechten van de mens. Vijanden van onze vrijheid vallen daar buiten'
   Mag je dus eigen principes schenden om je te verweren tegen een tegenstander die zich nergens aan houdt?  Ja, zegt Ignatieff, maar met mate. Hij haalde een spreuk aan: Salus populi primus (hij kent geen Latijn)) lex : Het heil des volks is de eerste (suprema, hoogste) wet.   Dat vond Hitler ook: 'Recht ist was dem Volke nützt'.   Ignatieff noemt mensenrechten een 'pacifistische doctrine' die je machteloos dreigen te maken'. Daarom is op terroristen het Middeleeuwse begrip 'vijand van de mensheid' (hostis humani generis). van toepassing, en het van Augustinus afkomstige begrip 'rechtvaardige oorlog'.  Zij doden immers niet alleen mensen, maar een heel systeem. Dat zei Kajafas ook.   Bundestag-president Hirsch zag het scherper: ‘De oorlog tegen het terrorisme begint onze rechtstradities, morele maatstaven, ons geweten en dus ons zelf te vergiftigen’.
      Christenen weten dat in deze wereld het absolute goed niet bestaat, en het absolute kwaad evenmin. Zoals John Gray onlangs betoogde, staat de Amerikaanse, ook door Blair onderschreven vroomheid (om het kwaad uit de wereld te bannen), haaks op de Christelijke (ook van Augustinus) opvatting over de verdorvenheid van de menselijke natuur. Hoewel Bush c.s. al lang niet meer serieus wordt genomen, blijft de door hem verbreide leer helaas het debat beheersen.
       Evert Mees  12 April 2016

 
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu