Heilzaam water - EDM-2013

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Heilzaam water

Gezondheid en Ziekte > Algemeen

Sinds enige jaren dient zich in onze welvaartsmaatschappij een nieuwe ‘hype’ aan: ‘Zorg dat je genoeg drinkt’. In kranten, weekbladen en voorlichting brochures wordt door ‘deskundigen’ gesteld, dat veel vochtopname goed is om uitdroging te voorkomen, de nieren schoon te spoelen enz. Deze bewering mist iedere wetenschappelijke grond. Hoe komt zij dan toch in de wereld?
 Laten we eerst even kijken hoe ingenieus ons lichaam is geschapen.

 Wij verliezen voortdurend vocht met urine, ademhaling en (meestal onmerkbare) perspiratie door de huid. Om in evenwicht te blijven moeten we dus een gelijke hoeveelheid vocht tot ons nemen. De water regulatie is de gevoeligste van al onze regelmechanismen. Immers  te weinig of te veel zou leiden  tot te hoge resp. te lage concentratie opgeloste stof in de lichaams-vloeistoffen, en dat is funest voor de hersencellen. Wanneer wij veel vocht verliezen, zoals bij zware arbeid en veel zweten, krijgt de nier bericht zo weinig mogelijk urine de maken door de urine maximaal te concentreren. De urine wordt dan donker, een teken dat de nier uitstekend werk verricht. Maar dat is vaak niet voldoende, zodat kort daarna het dorstgevoel wordt opgewekt. Dat is zo’n onweerstaanbaar sterke prikkel, dat bij mensen die normaal bij bewustzijn zijn nooit een ernstig tekort optreedt.

  Maar in onze maatschappij wordt meer, soms zelfs véél meer gedronken dan we nodig hebben:  Omdat het tijd is voor thee, koffie of een biertje. Gelukkig heeft de Schepper er ook voor gezorgd, dat de nier dat teveel aan water zéér snel kan uitscheiden. We hebben dat allen wel eens ervaren. Zo is de nier dus in staat de hoeveelheid urine binnen wijde grenzen te variëren.

  Maar de moderne mens, aangemoedigd door reclames, wil het beter weten dan ons lichaam aangeeft. Deskundigen -  meestal anoniem -  vertellen dat we de dorst vóór moeten zijn en dat een mens minstens twee liter water per dag moet drinken. Dat lijkt een onschuldig, zij het nutteloos advies. Maar toch niet altijd, zoals de volgende voorbeelden aantonen:
  Het Amerikaanse College of Sports Medicine gaf 10 jaar geleden het onbegrijpelijke advies, dat marathonlopers ‘zoveel moesten drinken als hun maag maar kon verdragen’. Dat lieten fanatieke sporters, menend dat zij zo hun prestaties zouden verbeteren, zich geen tweemaal zeggen, met het gevolg dat één op de zes aan het eind een te lage bloedconcentratie – dus waterintoxicatie -  had.
  Een ander bedenkelijk advies is, speciaal oude mensen veel te laten drinken. In die leeftijdsgroep komt immers urine-incontinentie nogal eens voor. Zo wordt het ‘lekken’ dus verergerd.

 Deze zaken zijn niet nieuw, ik heb ze destijds uitgebreid aan de medische studenten onderwezen en zij staan ook in alle fysiologie leerboeken. Maar als dit alles zo duidelijk is, vanwaar dan toch die vreemde adviezen?
Een goede vraag, en moeilijk te beantwoorden. Laten we daartoe eens naar ons Gidsland, de USA kijken. Daar is al langer een rage aan de gang, die afgekort met  ‘8 maal 8’ wordt aangeduid. Dat betekent dat je per dag 8 maal 8 ‘fluid ounces’, oftewel een kleine 2 liter moet drinken. Nee, geen koffie of thee, maar extra water. Flessen(bron) water natuurlijk, want dat is 10.000 maal duurder dan dat onbetrouwbare kraanwater.

 De redacteur van het prestigieuze American Journal of Physiology  kwam al in 2002 met een overzicht artikel waarin hij de zinloosheid van de 8 maal 8 hype met overmaat aan feiten aantoonde. Het tekenend dat hij deze onzin niet met enkele zinnen kon af doen, maar 9 bladzijden nodig had en moest toegeven, dat hij de oorsprong van de mythe niet had kunnen vinden. Het artikel heeft de rage natuurlijk niet beïnvloed.
 In 2007 verscheen opnieuw een korter artikel van de hoofdredacteur van een ander vooraanstaand medisch tijdschrift, Kidney International, waarin, ditmaal op sarcastische toon, met de ‘water hype’ de vloer werd aangeveegd.

 Het is inmiddels overduidelijk,
dat deze zaak wordt aangezwengeld door de frisdrank- en (mineraal)waterindustrie, die ‘wetenschappelijke instituten’ ten behoeve van de sport en andere  activiteiten sponsort. Het doet bijna meelijwekkend aan, te zien hoe enkele deskundige artsen trachten, met een beroep op feitenkennis, tegen deze stroom op te roeien.  Wij weten immers, dat reclame het bijna altijd wint van het gezond verstand.
mei 2007


 
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu